Zwijger Anthierens
Johan Anthierens stierf toen jaar geleden. Met nog enkele anderen - Marc Didden, Rob Leurentop, Peter Cnop, Karel Verleyen, onder andere - boetseerde hij het jongensverstand in mij in de jaren 70.
Het blikveld van Vlaanderen was toen nog bekrompener dan nu, maar tegelijk ook opener. Zeggen in een TV-show dat je "gelukkig gescheiden" was, dat was toen nog een daad van verzet. Maar Vlaanderen keek ook minder naar zijn eigen navel, keek nog (op) naar het noorden, en JA zocht de verloedering nog bij Vader Abraham. Dat vond ik een pijnlijke uitschuiver van JA, een symptoom voor zijn voorliefde voor "le bon mot", de scherpe verwoording, de nood om te bewijzen dat hij een kritische geest was, de nood om te bewijzen dat hij bestond. In die zin vond ik hem een ietwat tragische figuur. O Brave New World - hoe zou hij nu kunnen fulmineren tegen Kabouter Plop, Mega Mindy of de lijkenpikkerij van Michael Jackson?
JA had een vaste rubriek in Knack, dat de intellecturelen destijds nog als "nèk" uitspraken. Knack werd toen nog gedrukt in niet-glanzend, korrelig recyclagepapier. In één artikel stond een klein fotootje van een blote vrouwenborst. Dat artikeltje - God weet waar het over ging - hingen wij op achterin de klas in 't college. De leerkrachten zagen het, lazen het ... en haalden het niet weg. Voor één keer waren we één in het protest, maar vraag me niet meer waartegen.
Later, toen ik al werkte, in de jaren 80, had JA zijn eigen blad, De Zwijger. Waar de satire in Knack het stof van onze hersenen wegblies, was De Zwijger het voorbeeld van "overdaad schaadt". Té veel humor is oersaai. Op Volvo wilden we dit initiatief steunen, en hadden we een abonnement, maar na een jaar had mijn baas het wel bekeken. Het abonnement werd opgezegd. De Zwijger reageerde zoals een afgewezen minnaar reageert, met een sarcastisch artikel over kramikkege Volvo's. Mijn baas toen geloofde heilig in de reusachtige impact van de media, en ordonneerde iedereen die De Zwijger zelf, of een redacteur van het blad, aan de lijn kreeg, om zonder commentaar de telefoon toe te gooien. Alls wat gezegd kon worden, kon worden herdoopt tot vitriool door de gouden, maar scherpe pen van De Zwijger. Ik denk dat dat een mooi compliment was voor Zwijger Anthierens.
Het blikveld van Vlaanderen was toen nog bekrompener dan nu, maar tegelijk ook opener. Zeggen in een TV-show dat je "gelukkig gescheiden" was, dat was toen nog een daad van verzet. Maar Vlaanderen keek ook minder naar zijn eigen navel, keek nog (op) naar het noorden, en JA zocht de verloedering nog bij Vader Abraham. Dat vond ik een pijnlijke uitschuiver van JA, een symptoom voor zijn voorliefde voor "le bon mot", de scherpe verwoording, de nood om te bewijzen dat hij een kritische geest was, de nood om te bewijzen dat hij bestond. In die zin vond ik hem een ietwat tragische figuur. O Brave New World - hoe zou hij nu kunnen fulmineren tegen Kabouter Plop, Mega Mindy of de lijkenpikkerij van Michael Jackson?
JA had een vaste rubriek in Knack, dat de intellecturelen destijds nog als "nèk" uitspraken. Knack werd toen nog gedrukt in niet-glanzend, korrelig recyclagepapier. In één artikel stond een klein fotootje van een blote vrouwenborst. Dat artikeltje - God weet waar het over ging - hingen wij op achterin de klas in 't college. De leerkrachten zagen het, lazen het ... en haalden het niet weg. Voor één keer waren we één in het protest, maar vraag me niet meer waartegen.
Later, toen ik al werkte, in de jaren 80, had JA zijn eigen blad, De Zwijger. Waar de satire in Knack het stof van onze hersenen wegblies, was De Zwijger het voorbeeld van "overdaad schaadt". Té veel humor is oersaai. Op Volvo wilden we dit initiatief steunen, en hadden we een abonnement, maar na een jaar had mijn baas het wel bekeken. Het abonnement werd opgezegd. De Zwijger reageerde zoals een afgewezen minnaar reageert, met een sarcastisch artikel over kramikkege Volvo's. Mijn baas toen geloofde heilig in de reusachtige impact van de media, en ordonneerde iedereen die De Zwijger zelf, of een redacteur van het blad, aan de lijn kreeg, om zonder commentaar de telefoon toe te gooien. Alls wat gezegd kon worden, kon worden herdoopt tot vitriool door de gouden, maar scherpe pen van De Zwijger. Ik denk dat dat een mooi compliment was voor Zwijger Anthierens.
Comments
Post a Comment