Ik weet waar God was

Laatst vroeg ik me af waar God was. Wie nog de catechismus moest leren, die weet het wel: God is overal. Dus is de onvermijdelijke conclusie: God is evenzeer ook nérgens.
Waar was God toen een jonge kerel een drukke semi-snelweg overstak omdat de auto's die linksaf moesten stilstonden, en hij dus dacht dat het voor het autoverkeer dat rechtdoor moest, óók rood was? Waar was God toen een even jonge jongen die nog hoopte, in zijn jeugdige en vergeefbare overmoed, de trein van dertien uur twintig vóór te kunnen zijn, maar dat niet was?
Dat God er niet was toen een vrouw in de Pyreneeën in de afgrond stortte, kan men nog enigszins begrijpen, God houdt niet alle rampen tegen. Er zijn er ook zoveel. Dat Hij er weer niet was toen de zoon van dezelfde vrouw twee jaar later verongelukte, lijkt meer een geval van schuldig verzuim. Heeft God niet al onze namen in de palm van zijn hand? Als alle zandkorrels geteld zijn, dan toch zeker alle zielen? Dus ook die van Jeroen, Glen of Thijs?
Waar was God toen mensen - Gods dienaars incluis - kinderen misbruikten, en daar zelfs Gods naam bij misbruikten: "Het is de liefde van God"?
Uit de diepten van de ellende - de profundis - zoeken wij te vaak vergeefs naar God. Niet thuis. Oost-Indisch doof. Luister maar eens naar Randy Newmans God's Song (That's Why I Love Mankind).
Maar toch. Maar toch.
Soms toont God wél onverwacht zijn aanwezigheid. Nu kan ik zeggen: ik weet waar God was. Hij is gespot op een brug in de Midden-Russische stad Ufa. Een jonge man wou er zelfmoord plegen toen hij een jonge vrouw zag die zich óók van het leven wou beroven door in het ijskoude water te springen. Hij kon haar overtuigen om het niet te doen. Ondertussen zijn ze verloofd.
Maar, jonge mensen, wees gewaarschuwd: God is overal, maar niet altijd.
Prachtig!
ReplyDelete