Jobs en Stewart


Steve Jobs stopt ermee. Het was groot nieuws, ook in de Vlaamse media. Wat maar bewijst: de media verkiezen style above substance, maar, het moet gezegd, Jobs deed wat hij deed in grote stijl. Jobs vergeleek zichzelf eens met The Beatles. In een uitstekend artikel in De Tijd vond men de vergelijking met de idiosyncratische Dylan meer op zijn plaats, maar geef mij maar de link met John Lennon; op het einde was hij ook meer vorm dan inhoud. Eens, lang geleden, was Apple écht different. Maar dat was allang voorbij toen het merk uit Cupertino de reclame "Think Different" lanceerde. Met onder andere een foto van Lennon, nota bene.
In de kranten stond te lezen waarom deze man, Jobs dus, niet Lennon, ons leven had veranderd, onder andere dat we nu geen CD's meer kopen. Auch, ik word oud, ik koop nog occasioneel een CD, en ben grootgebracht met LP's, grote, zwarte vinylschijven waar de muziek in groeven gegraveerd stond. Mijn eerste LP staat in mijn geheugen gegrift: Every Picture Tells a Story, van Rod Stewart. Ik ben geen Stewart fan - ook te veel style above substance - maar EPTAS is een meesterwerkje, niet alleen voor de monsterhit Maggie Mae (met prachtige mandoline), maar voor een knappe collectie songs, eigen composities en covers, met een unieke stijl die een blend is van Engelse folk, rock, rockabilly, skiffle en soul. Nu eens hard rockend, dan weer subtiel in de ballads. I know I'm losing you wordt vooruitgestuwd door impulsief, primitief drumwerk; met Tomorrow is a Long Time leerde ik Dylan kennen, en dit pareltje deed de liefde voor een mooie Engelse tekst ontstaan ("There is beauty in the silver singin' river"); Amazing Grace is een ongelooflijk authentieke versie van de klassieke gospel; That's All Right is een verbazende rockende versie van Elvis' hit. Op mijn twaalfde had ik geen slechte keuze gemaakt!

Comments

Popular posts from this blog

Met twee woorden spreken

(Niet) in de kaart spelen

"This is so funny."