"Voer de index in héél Europa in."
Kathleen Van Brempt deed een verdienstelijke poging om België Europees écht te laten meetellen. "Voer de index in héél Europa in," oppert ze, waarmee ze wel aangeeft dat België moeilijk zaken in stand kan houden waarmee het alleen staat in Europa of in de wereld. (De kiesplicht is ook zoiets.)
Al even opmerkelijk, het reclamespotje van de SP-A-boegbeelden John Crombez en Johan Vande Lanotte. In "Index massacre" tonen ze wat er zou gebeuren als de index wordt afgeschaft. De klanten van een supermarkt worden onaangenaam verrast aan de kassa, waar bijvoorbeeld een stuk van hun nieuwe televisietoestel wordt afgezaagd met een kettingzaag. "Als de index niet zou bestaan, zouden we 25 procent minder kunnen kopen", luidt de conclusie.
Een andere conclusie (de mijne) is dat België dus 25 procent méér koopkracht heeft dan de rest van de wereld, want behalve Luxemburg is er geen enkel ander land dat zijn lonen automatisch koppelt aan de index. En ook: zouden de lonen dan in Zweden, Noorwegen, Frankrijk en Zwitserland al 20 jaar niet meer gestegen zijn?
De index dus. België is door zijn geschiedenis, en door zijn mentaliteit die door deze geschiedenis is bepaald, gedoemd tot een systeem waarin we zelf geen verantwoordelijkheid moeten nemen over loondiscussies.
Al eeuwen is België overheerst door andere landen. Wat dat doet voor het gebrek aan een nationaal (en dus een sociaal) gevoel, wordt elke dag duidelijk. We zijn een volk van individualisten, beschouwen de overheid als bedreigend, en hebben het moeilijk om sociale verantwoordelijkheid te nemen. (Dat zie ik zowel op het Vlaamse als op het Belgische vlak.)
We worden geregeerd door wantrouwen door de ander, en bouwen liefst van al hoge tuinhagen en een poort die we veilig kunnen dichtdoen als we 's avonds thuiskomen. Ons sociaal bestel organiseren we rond belangengroepen. Met een warm woord spreekt men van het 'middenveld', maar eigenlijk is het corporatisme. Waarom we een christelijke vakbond moeten hebben of een liberaal ziekenfonds, het gaat mijn petje nog altijd te boven. Wantrouwen is de échte Vlaamse en Belgische grondstroom. Wij tegen de anderen.
Als werknemer wantrouwen we ook de werkgever. En het vertrouwen in de vakbonden is blijkbaar ook niet zo erg groot. Vandaar dat we dan maar de overheid inroepen - niet als bemiddelaar, maar als politieagent. Door bedrijven te verplichten de lonen te verhogen, volgens de stijging van de levensduurte.
Natuurlijk willen we allemaal een loon dat mee evolueert. Maar blijkbaar geloven we niet in onderhandelingen tussen de sociale partners. Met als nefast gevolg dat we de automatische loonstijgingen niet meer als dusdanig ervaren. Zonder dan nog rekening te houden met bedrijven in moeilijkheden, of onderhevig aan internationale concurrentie, die verplicht zijn de lonen te laten stijgen, ook wanneer ze het zich eigenlijk moeilijk kunnen veroorloven.
Is er een gidsland? Ik denk het wel. Zweden. Daar zitten vakbonden mee in de raden van bestuur. Daardoor denken ze op lange termijn, en kunnen ze een goede balans vinden tussen de noden van het bedrijf, en de belangen van de werknemers. In Zweden stijgen de lonen ook. Maar dat is het gevolg van onderhandelingen, tussen twee partijen die elkaar vertrouwen. Als het slecht gaat, stijgen de lonen niet. Als het goed gaat, is er wel ruimte voor meer koopkracht.
Ik heb een tip voor Kathleen Van Brempt. Ik denk dat er weinig mensen in Europa oren zullen hebben naar haar voorstel. Laat ze zich focussen op België. Geef de sociale partners meer ruimte en vertrouwen. Zorg dat de werkgevers ook echt willen onderhandelen over stijgende lonen - want ook zij zijn evenzeer in het Belgische bedje van wantrouwen ziek.
Dat wordt een werk van lange adem, en fundamentele veranderingen in ons aller manier van denken en handelen. Collectieve verantwoordelijkheid nemen, in plaats van te streven naar maximale winst van de één ten nadele van de ander.
Al even opmerkelijk, het reclamespotje van de SP-A-boegbeelden John Crombez en Johan Vande Lanotte. In "Index massacre" tonen ze wat er zou gebeuren als de index wordt afgeschaft. De klanten van een supermarkt worden onaangenaam verrast aan de kassa, waar bijvoorbeeld een stuk van hun nieuwe televisietoestel wordt afgezaagd met een kettingzaag. "Als de index niet zou bestaan, zouden we 25 procent minder kunnen kopen", luidt de conclusie.
Een andere conclusie (de mijne) is dat België dus 25 procent méér koopkracht heeft dan de rest van de wereld, want behalve Luxemburg is er geen enkel ander land dat zijn lonen automatisch koppelt aan de index. En ook: zouden de lonen dan in Zweden, Noorwegen, Frankrijk en Zwitserland al 20 jaar niet meer gestegen zijn?
De index dus. België is door zijn geschiedenis, en door zijn mentaliteit die door deze geschiedenis is bepaald, gedoemd tot een systeem waarin we zelf geen verantwoordelijkheid moeten nemen over loondiscussies.
Al eeuwen is België overheerst door andere landen. Wat dat doet voor het gebrek aan een nationaal (en dus een sociaal) gevoel, wordt elke dag duidelijk. We zijn een volk van individualisten, beschouwen de overheid als bedreigend, en hebben het moeilijk om sociale verantwoordelijkheid te nemen. (Dat zie ik zowel op het Vlaamse als op het Belgische vlak.)
We worden geregeerd door wantrouwen door de ander, en bouwen liefst van al hoge tuinhagen en een poort die we veilig kunnen dichtdoen als we 's avonds thuiskomen. Ons sociaal bestel organiseren we rond belangengroepen. Met een warm woord spreekt men van het 'middenveld', maar eigenlijk is het corporatisme. Waarom we een christelijke vakbond moeten hebben of een liberaal ziekenfonds, het gaat mijn petje nog altijd te boven. Wantrouwen is de échte Vlaamse en Belgische grondstroom. Wij tegen de anderen.
Als werknemer wantrouwen we ook de werkgever. En het vertrouwen in de vakbonden is blijkbaar ook niet zo erg groot. Vandaar dat we dan maar de overheid inroepen - niet als bemiddelaar, maar als politieagent. Door bedrijven te verplichten de lonen te verhogen, volgens de stijging van de levensduurte.
Natuurlijk willen we allemaal een loon dat mee evolueert. Maar blijkbaar geloven we niet in onderhandelingen tussen de sociale partners. Met als nefast gevolg dat we de automatische loonstijgingen niet meer als dusdanig ervaren. Zonder dan nog rekening te houden met bedrijven in moeilijkheden, of onderhevig aan internationale concurrentie, die verplicht zijn de lonen te laten stijgen, ook wanneer ze het zich eigenlijk moeilijk kunnen veroorloven.
Is er een gidsland? Ik denk het wel. Zweden. Daar zitten vakbonden mee in de raden van bestuur. Daardoor denken ze op lange termijn, en kunnen ze een goede balans vinden tussen de noden van het bedrijf, en de belangen van de werknemers. In Zweden stijgen de lonen ook. Maar dat is het gevolg van onderhandelingen, tussen twee partijen die elkaar vertrouwen. Als het slecht gaat, stijgen de lonen niet. Als het goed gaat, is er wel ruimte voor meer koopkracht.
Ik heb een tip voor Kathleen Van Brempt. Ik denk dat er weinig mensen in Europa oren zullen hebben naar haar voorstel. Laat ze zich focussen op België. Geef de sociale partners meer ruimte en vertrouwen. Zorg dat de werkgevers ook echt willen onderhandelen over stijgende lonen - want ook zij zijn evenzeer in het Belgische bedje van wantrouwen ziek.
Dat wordt een werk van lange adem, en fundamentele veranderingen in ons aller manier van denken en handelen. Collectieve verantwoordelijkheid nemen, in plaats van te streven naar maximale winst van de één ten nadele van de ander.
Comments
Post a Comment