Gordel van Smaragd




Het zat me niet mee, die ochtend. Maar toen zag ik iets wat me blij maakte als een kind.

Altijd wat vervelend, een vlucht op half tien 's morgens. Ofwel ben je de files voor, en dan ben je veel te vroeg op de luchthaven, ofwel vertrek je rond kwart voor zeven, maar dan het toch nog spannend worden. Deze keer nam ik de eerste optie. Dus zat ik al om zeven uur te wachten op de luchthaven. En dan werd de vlucht uitgesteld. Delayed due to the late arrival of the incoming aircraft. Eerst een kwartier. Dan een halfuur.
Ondertussen een sms'je van een ongeruste (vakbonds)collega: alweer een artikel in De Tijd met een negatieve spin over Volvo. En ik was net op weg naar een interview met De Tijd.

Tom-ee-to, tom-aa-to, pot-aa-to, pot-aa-to, let's call the whole thing off. Ik kreeg zin om De Tijd op mijn zwarte lijst te gooien.Nee, toch niet. Ongewoon voor SN in Zaventem - het vliegtuig was niet aangemeerd aan terminal A, maar je moest op de bus. Die bus bleef maar rijden. Ik zag in de verte het Atomium al. Toen begreep ik waarom SN het vliegtuig zo goed had verstopt. Het was een lange buis die aan de vleugels hing, met twee propellors. Propellors! Ik waande me even Indiana Jones toen ik opstapte. Twee smalle rijen van twee stoelen. Naast mij zat een grijzende neger. Niet dat hij uitzonderlijk groot was, maar ik had het gevoel dat hij op mijn schoot zat. Hij sprak Zweeds, en zijn Zweedse vrouw zat vóór hem. Even dacht ik hem te vragen: Vind je Gotenburg ook zo'n kille stad? Vind je de Zweden ook xenofoob? Maar dan moest ik uitleggen wie Dimitri Verhulst was, en ik wist niet hoe je 'helaasheid' moest vertalen, en ook niet wat hij zou denken van blote, fietsende postbodes. Dus vroeg ik maar niks. Gelukkig ging de man dan naast zijn vrouw zitten. Toen hij opstond, stootte hij zijn hoofd, en dat was me net ook al overkomen.

En dan: weer wachten. Er was iets mis met de stang die het vliegtuig achteruit moest duwen. Of met het wagentje dat met die stang het vliegtuig moest duwen. Toen dat euvel na lang wachten verholpen was, werd er getaxied. En getaxied. Weer zag ik het Atomium opdoemen. Van de twee propellers draaide er maar één. Zou ik dit melden? Of had de piloot dit ook in de gaten? Ondertussen was er een file om op te kunnen stijgen. En dan, met een vertraging van anderhalf uur, waren we airborne. SN moet gedacht hebben: we gaan de kritiek in de kiem smoren, dus vond je in de stoel voor je een infoblad. De Bombardier Q400 is één van de meest zuinige vliegtuigen. Technologisch zeer geavanceerd. En stil - veel stiller dan een rockconcert, net stiller dan een gewone jet, en maar iets luider dan een tsjilpend vogeltje.
Dat moest ik even checken, met met decibelmeter, en dat viel toch even tegen.
Het propellervliegtuig zou amper  77dBA produceren.
Volgens mijn meting kwam het al dichter in de buurt van een rockconcert.

De vluchtoperator was een onderaannemer, en de ééntalige tweekoppige crew (Engels) bracht het ontbijt, en het was al tegen lunchtijd. Een broodje met een plakje kaas, of wat appelpartjes? Geef mij maar een broodje (op de terugvlucht kreeg ik het allebei. Luxe!). Ik was al blij dat ze koffie hadden.

Doorgaans zit de vlucht Brussel-Gotenburg vol Volvo-collega's. Nu niet - wie vertrekt er nu op donderdag naar Zweden? Ik voelde me op een comfortabele manier alleen, en dat deed me denken aan mijn eerste trip naar Zweden, in, denk ik, 1985 of 1986. Kennis gaan maken met de collega's in de fabriek in Torslanda. Toen vlogen we nog ongegeneerd Businessclass, want er was ook nog First Class. Als mijn geheugen me niet in de steek laat, was er zelfs een glaasje champagne. Ik kreeg een stukje warme zalm, op een stenen bord, met een echt bestek, en met en glaasje wijn. De zon scheen binnen in het vliegtuig, en niemand zat aan mijn kop te zeuren. Beneden zag ik de Waddeneilanden, en daarna de Deense kust.  Ik weet dat ik toen dacht: vliegen zal ik altijd bijzonder vinden.

Nu keek ik weer naar buiten. De twee propellers deden wat ze moesten doen, en de hoge sluitertijd van de smartphonecamera registreert ze zoals het oog ze niet ziet. En beneden, daar lagen ze nog, de Waddeneilanden. De zee was sprookjesachtig smaragd, en ik stelde me voor dat je ongeveer hetzelfde moet zien als je boven Java of Maleisië zou vliegen. Verstilde eilandjes, duinen, stranden, en veel, veel zee, met hier en daar reusachtige windmolenparken, midden in de Noordzee, die er van boven uitzien als een legerkerkhof uit de Grooten Oorlog.
Borkum, het eerste van de Duitse Waddeneilanden.


Ik wist dat ik me in Volvo Zweden tevreden zou moeten stellen met een gebakje, want het was al lang voorbij lunchtijd. Alweer die gruwelijke chocoladecake met kokos. Koffie uit een thermosfles. Ik wist ook dat ik de volgende dag om vier uur uit mijn bed moest. Op stap zonder gratis ontbijt, en als er in Zweden iets lekker is, dan is het wel het ontbijt.

Maar toen ik naar beneden keek, naar die Gordel van Smaragd, dacht ik aan toen, en was ik zo blij als dertig jaar geleden.

Comments

Popular posts from this blog

Met twee woorden spreken

(Niet) in de kaart spelen

"This is so funny."