In nood mag en moet iedereen dopen


Benno Barnard schrijft over de auteur van 'Where the Wild Things Are', een boek waar ik nog nooit van hoorde.
"Maurice Sendak was een homoseksuele Jood. Dat is een beetje alsof je twee keer voor je eigen deur wordt overreden. Maar verstandig genoeg woonde hij in New England, een van de beste plekken ter wereld om zowel flikker als smous te wezen. Na de dood van zijn ouders verklaarde hij: 'Ze hebben nooit geweten dat ik homo was. Daar ben ik verschrikkelijk dankbaar voor.' Hij was immuun voor theoretische emancipatie, de verheerlijking van het autonome zelf en andere superstitie uit de jaren zestig - de liefde voor zijn ouderwetse ouders was veel belangrijker. Ik moet terugdenken aan de Vlaamse intellectueel die zich had laten ontdopen, met deze heldhaftige daad van onafhankelijk atoom liep te pronken en zo zijn bejaarde moeder diep griefde."
Wie die Vlaamse intellectueel was, weet ik niet, maar Barnard typeert hem scherp, en het verhaal doet mij denken aan mijn schoonvader (die - terzijde - in aanvaring kwam met zijn dochter, mijn vrouw. Hij vond dat ze naar de kerk moest gaan omdat het haar plicht was; zij - een rebelse geest - ging naar de kerk omdat ze dat wou. Mijn schoonvader had gelijk, natuurlijk, zoals achteraf wel bleek).

Welnu, mijn schoonvader zaliger had een kapper, en die man was er het hart van in dat zijn dochter haar kind, zijn kleinkind, niet wou laten dopen. De kapper heeft dan maar, toen het kind bij hem was, stiekem zijn kleinkind gedoopt. In nood mag en moet iedereen dopen, en voor hem was dat een noodgeval.

Barnard heeft gelijk: O standvastige principes, bron van zoveel verdriet! Al verwoordt hij het oneindig mooier.



Comments

Popular posts from this blog

Met twee woorden spreken

(Niet) in de kaart spelen

"This is so funny."