That time of year
Het is weer 'that time of year': denken aan sonnet nummer 73, met het mooie 'Consumed with that which it was nourished by', en met de bladeren van de bomen - geel, of geen, of een paar...
When yellow leaves, or none, or few, do hang
Upon those boughs which shake against the cold.
De tijd van het jaar wanneer Zwarte Piet zijn intrede doet. Dan denk ik steevast aan mijn fijne collega Philippe. Als je hem in de fabriek treft, op zijn heftruck, of elders, altijd weer die enthousiaste groet, en die lach die zijn tanden zo laat contrasteren met zijn zwarte huid dat hij wel een wandelende reclame lijkt voor tandpasta.
Anderhalf jaar geleden sprak ik hem. Philippe is duidelijk geen neger, zijn roots liggen in India, maar ik heb weinig negers (1), zelfs Wouter Van Bellingen niet, gezien die donkerder zijn dan Philippe. Zijn Indische naam is Arokia Bunja, de ‘donkerkleurige die geneest’.
Het mooie aan zijn verhaal vond ik zijn wijsheid. Hij werd soms geplaagd, soms gepest, omwille van zijn huidskleur. Eén keer beet hij van zich, en heel de klas stond achter hem, tégen de pester. God zegene de mensen die durven weerstaan aan bullebakken en pesters.
Philippe had een wens. Waar hij werkt, krijgen personeelsleden met kinderen een cadeautje van de Sint, die persoonlijk de cadeaucheques ('altijd de laagste prijs') komt uitdelen. Zwarte Piet is er ook bij, en Philippe wou zo graag eens Zwarte Piet zijn.
Een week of twee geleden zag ik Zwarte Piet. Mijn kinderen geloven allang niet meer in sprookjes, maar ik kreeg toch nog een mandarijntje en een chocolademunt van Zwarte Piet. Het was Philippe, en ik wenste hem geluk: 'Het is je toch gelukt!'. Alweer die brede lach. Ik vroeg waarom hij zich toch nog zwart geschminkt had. Dat was wel nodig, vond hij: "Met zo'n laagje erbij blinkt het mooi."
Dit gezegd zijnde, wil ik op de bres springen tegen racisme. Stel je voor dat mensen met een donkere of zwarte huid géén Zwarte Piet mogen zijn? Stel dat ze witte strepen op hun gezicht moeten schilderen? Dan haal ik er niet alleen de kinderrechtencommisaris bij, maar zeker ook het Minderhedenforum van Wouter Van Bellingen.
Zwarte Piet realistischer (2) maken vind ik op zich problematisch, maar vooral praktisch onmogelijk. Want een roetpiet herken je zo. De Sint kan zijn ware identiteit goed verstoppen achter zijn baard en mijter. Voor kinderen die willen geloven, is iemand met een dikke laag schmink en kleurrijke kleren een sprookjesfiguur. Met alleen wat roetvegen zie je meteen: Hé, dat is nonkel Dirk!
(1) Er zijn mensen die het woord 'neger' stigmatiserend vinden, maar ik blijf het respectvol gebruiken. Ik begrijp niet waarom 'neger' wel, en 'zwarte' niet beledigend zou zijn. Etymologisch komt het op hetzelfde neer, en wie echt grof wil zijn, kan wel enkele varianten van 'neger' verzinnen.
Er zijn ook mensen die in Zwarte Piet een 'symbool van ons koloniaal verleden' zien. Ik zie in Piet de kleurrijke, blije en goedlachse tegenpool van de wat saaie, kleurloze Sint.
(2) Zwarte Piet 'realistischer' maken? Wat te doen met twee mannen, waarvan één stokoud is en straks 1664 jaar oud wordt, die te paard de daken op-en afhossen in weer en wind, en een kerel die binnenglipt via de schoorsteen, cadeautjes brengt die nooit door de schoorsteen kunnen, en dan ook nog de wortel en het suikerklontje meeneemt voor het paard van de Sint, dat wacht op het dak van een huis dat meestal geen schoorsteen of open haard heeft? Waarom een deel van het verhaaltje realistisch maken maar het geheel niet? Waarom de sprookjeswereld van de kinderen willen onttoveren, en hen nu al confronteren met de naakte, kille en harde werkelijkheid?
Lees het verhaal van Philippe hier.
De foto is gemaakt door de onvolprezen Eric Demurie.

Comments
Post a Comment