Hello Monkey-Face, of: Honi soit qui mal y pense
Een heerlijk stukje film is dit, om één of andere reden gedeeltelijk in het Italiaans vertaald, met Cary Grant en Joan Fontaine. In Hitchcocks Suspicion is Cary Grant een charmante oplichter, of niet, die Joan Fontaine aanspreekt met Hello Monkey-Face.
Over de 'Coolest Monkey in the Jungle' ga ik niet veel zeggen, Filip Joos deed dit goed in De Standaard (zie hieronder), en met Dickens, en Mrs. Blanche Lipton zeg ik:
Least said, soonest mended..Toen ik Joos' stukje las, dacht ik ook aan mijn dochter, die lenige ballerina, die riep van 'harder, harder!' als we haar duwden op de schommel, en die onversaagd de golven inliep toen haar tweelingbroer zich stond af te vragen of hij haar zou volgen of niet, en die, net als bij Joos, haar papa inklom zoals een aapje een boom in de jungle. En ja, ik noemde haar ook soms 'mijn aapje'.
Ik dacht ook aan de beroemde Orde van de Kousenband. Toen, héél lang geleden, koning Edward III danste met Joan of Kent, viel haar kousenband (jarretelle) af. De koning nam hem op en deed hem rond zijn eigen been. Tegen de gniffelende omstaanders zou hij gezegd hebben: "Honi soit qui mal y pense. Tel qui s'en rit aujourd'hui, s'honorera de la porter."
Alleen werd er bij H&M niet gelachen.
***
Waarom mag ik mijn kind niet aapje noemen?
Filip Joos vindt de commotie rond de hoodie met het opschrift ‘coolest monkey in the jungle’ overroepen. H&M keek met die affiche net voorbij kleur.
FILIP JOOS
Wie? Voetbalcommentator voor de VRT en Play Sports en columnist voor deze krant.
Wat? Als we niet willen dat H&M de trui verkoopt, geven we toe aan het racistische concept dat zwarte mensen gelijkstelt aan apen.
Ik vind het geweldig dat Romelu Lukaku zich maatschappelijk engageert. Het is goed dat topsporters zich laten horen over heikele thema’s waar ze zelf voeling mee hebben. Racisme is voor Lukaku zeker zo’n onderwerp – en beter een persoonlijke mening dan het voorgekauwde Uefa-filmpje waarin voetballers uit alle windrichtingen neen zeggen tegen racisme. Dat gaat al snel het ene oor in en het andere uit, te gelikt gemonteerd, te reclameachtig om de kijker thuis echt bij de lurven te vatten.
Alleen denk ik dat Lukaku zich van tegenstander vergist. Omdat H&M net uitdrukkelijk niet racistisch was toen de winkelketen deze week een reclamecampagne lanceerde waarin een zwart jongetje een hoodie droeg met als opschrift: coolest monkey in the jungle. Lukaku fotoshopte een andere tekst op de trui: Black is beautiful (DS 10 januari). Al meer dan honderdduizend mensen juichten zijn actie toe en dat is hem van harte gegund.
Ik ben het met die honderdduizend eens, dat black beautiful is. Én powerful. Elke ochtend weer kijk ik naar mijn twee Ethiopische kinderen en is daar het besef: zo godsgruwelijk mooi was mijn eigen vlees en bloed nooit geworden. En als ik ze door de dag zie razen, weet ik: zo vol pit ook niet. Ja, u mag dat als een disclaimer beschouwen.
Handtasdiefstal
Aap is een woord dat misbruikt is door de mensen die oerwoudgeluiden roepen naar zwarte voetballers
Het zal zowat vijf jaar geleden zijn, een maandagavond. Voor Extra Time lees ik in de studio ‘De keek op de week’ in, met daarin een fragment van Kortrijk-speler Mustapha Oussalah die een drieste tackle inzet op de enkels van de rechtsachter van Beerschot. Hij krijgt rood. Omdat het een zware fout was. Maar ook omdat Oussalah zo roekeloos was die overtreding te begaan net voor de bank van Beerschot. Want uiteraard veert die woedend recht, wat de kans op een rode kaart veel groter maakt dan mocht dat op een andere plek op het veld zijn gebeurd. Om dat duidelijk te maken, gebruik ik een metafoor en zeg ik: ‘Het equivalent van een handtasdiefstal op de stoep voor het politiebureau.’
De volgende ochtend zat er een verwijtende mail in mijn mailbox. Van de diversiteitsambtenaar van de VRT. Diep ontgoocheld was ze, want ik had de Marokkaanse gemeenschap geschoffeerd. Door Oussalah met een handtasdiefstal te associëren.
Ik mailde terug. Dat Oussalah voor mij geen Belgo-Marokkaan was, maar een voetballer. Dat ik de opmerking net zo zou hebben geformuleerd, mocht niet hij maar zijn ploegmakker-met-gecertificeerde-Vlaamse-stamboom-tot-diep-in-de-zestiende-eeuw dezelfde overtreding hebben begaan. En dat het racisme in the eye of the beholder zat. In haar blik dus, onbewust.
Ik vind die affiche van H&M prachtig. Omdat ze vertelt dat er een wereld denkbaar is, wie weet zelfs al bestaat, waarin een reclamebureau geen rekening houdt met het hallucinante, oerdomme, racistische concept dat zwarte mensen gelijkstelt aan apen. Omdat H&M met die affiche net voorbij kleur kijkt. En, ja, ook omdat de zwarte jongen de beste copywriter kreeg toebedeeld – zijn blanke vriend moet het stellen met het zoutloze mangrove jungle survival expert, geeuw.
Ik walg van supporters die oerwoudgeluiden roepen naar een zwarte voetballer. Ik zou diep ongelukkig zijn als ik op de internetredactie van Het Laatste Nieuws werkte en daar bij de reacties op een artikel de dagelijkse bagger zag passeren – geen beter pleidooi voor onderwijs dan de spelfouten die steevast in dat soort tirades opduiken. De racistische onderbuik bestaat. En is verschrikkelijk ranzig. Wie dat ontkent, is ziende blind en horende doof.
Geuzennaam
Mijn dochter is vier, een pluimgewicht. Ze slingert zich vaker wel dan niet via mijn benen naar mijn armen. Om opgepakt te worden. Waarna ik haar soms in mijn nek draag en haar ‘aapje’ noem, net omdat ze sneller klimt dan haar schaduw. Toen ze pas bij ons was, corrigeerde ik mezelf in gedachten: ‘Neen, Filip, aapje, dat mag je niet zeggen bij een bruin kind.’ Tot ik dacht: en waarom niet, eigenlijk? Waarom mag ik mijn kind niet liefkozend aapje noemen, en de ravottende zoon van mijn buurman wel?
Niemand zou erover vallen als in de H&M-campagne het blanke kind de ‘coolste aap van de wereld’ op zijn trui had staan. Of neen, met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid waren er een paar pipo’s die op internetfora hadden geschreven dat ‘ze die truijen beter hadden omgewisselt’, en zich daarmee hadden geout als wat ze zijn: domme, zielige mensen. Maar berooft het troebele eye van dat soort beholders mij van het plezier om mijn kind aapje te noemen? Of H&M om een zwart kind een geuzennaam te schenken? Coolste aap van de jungle, reken maar dat achtjarigen dat een geweldige eretitel vinden. Achtjarigen van alle kleuren. Of willen we, ik chargeer, dat H&M een label slegs vir blankes in een bepaalde kledinglijn naait?
Aap is een woord dat in de loop der tijden misbruikt is door racisten, bijvoorbeeld door het soort mensen dat vanaf een tribune oerwoudgeluiden roept naar zwarte voetballers. Of door een bepaald type kolonialen uit de vorige eeuw. En nog steeds door een te groot aantal mensen die nu tussen ons leven. Maar zeggen dat H&M die trui niet mag verkopen, is zeggen dat die mensen dat woord definitief gekaapt hebben. Dat ook wij aap associëren met dat ranzige oe-oe-oe van racisten, en niet met een dier dat we bewonderen om zijn lenigheid, lef, vermetelheid en schelmenstreken, een synoniem van scout, zeg maar.
Het woord is onschuldig. De mens die het gebruikt, kan het misbruiken. Maar het woord sowieso bannen, is een nederlaag. Verarming. En ook nog eens taalverloedering.
Tijdverlies, ook. Er is nog veel strijd te leveren, zowel tegen het overduidelijke racisme als tegen de minder ostentatieve, alledaagse variant. De hoodie was geen veldslag waard. En wat een stelletje lapzwansen, die Zweden, dat ze zich meteen excuseerden toen de verontwaardiging de kop opstak. Een gemiste kans om duidelijk te maken hoe tof tienjarige apen zijn. De leden van het departement marketing bij H&M moeten morgen maar in een hoodie met opschrift ‘bangste wezel uit de stad’ naar het werk.
Maar. Mocht er iemand op het hoofdkwartier van de kledinggigant ook na de laatste regels deze opinie nog een warm hart toedragen, mijn adres is bij de redactie bekend. Maat 140 graag. Ik ken een jongetje dat geweldig met die ene, van de brandstapel geredde hoodie zou staan.

Comments
Post a Comment